Gedichten

Met dank aan Lilian van Bennekom voor het toesturen van de gedichten: Thuis, Zijn en Kabouters van Ted van Lieshout

 

Oude foto's

Foto's staren me aan

met mijn eigen ogen.

Een vreemde die ik heb gekend.

                                                                                                                                 

Een jongetje met korsten

op de knieën en dagen

die nergens zijn gebleven.

Bezigheden zonder nut.

                                                                                                                                 

Zal van mij zoals ik ben

Alleen een afdruk blijven?

Is het waar dat kinderen

Niet echt bestaan? 

Uit: Ted van Lieshout, Van ach & och

 

Boekje open

Hoe ga ik open als een boek?

Ik wil mezelf eens lezen, 

bladeren en kijken

hoeveel pagina's ik tel.

Of ik een sprookje ben

of meer een studieboek. 

Zou ik mij kopen?

Lenen in de bieb?

Alleen stiekem lezen 

hoe ik afloop en mij zachtjes

terugzetten in de kast?  

Uit: Ted van Lieshout, Van als & och

 

Genoeg

duizend bomen is een bos

duizend druppels is de regen

duizend sprietjes is het gras

maar

hoeveel woorden heb ik

hoeveel belletjes van spuug

hoeveel tranen, hoeveel lach

hoeveel poep en hoeveel plas

hoeveel kusjes voor de nacht

zal ik nog krijgen

en nog geven

genoeg

voor mijn hele leven

Uit: Hans en Monique Hagen, Jij bent de liefste

 

Doorreis 

Ik ben op doorreis

naar volwassen

 

zo goed als zeker

dat ik aankom

 

maar wat als ik mij 

daar niet beval

Uit: Erik van Os, Van hier naar hier

              

Thuis

Het hoeft geen muur te zijn

met ruit en dak.

Het mag van hout

of rots

of klei

of blad

of ijs.

                

Een boot op het water

ja, een wagen op reis.

Een hutje mag,

een hol

of een paleis.

Een schelp van een slak,

een nest op een tak.

In Paramaribo

of Praag

of in Parijs.

 

Als er maar iemand is

die roept: Kom thuis!

 

Ik zal het wel verstaan.

Elke taal bedoelt hetzelfde huis.

Uit: Ted van Lieshout - Multiple Noise

 

Zijn

Als ik mezelf had mogen scheppen, zou ik minder

fouten hebben gemaakt. Ik liet mij niet zo verdwalen

tussen het gebrekkig zijn en het gebrekkige zijn.

 

Ik gaf mijn broodkruimels mee om de weg terug

te vinden, al weet ik niet welke weg dat was en waar

die eigenlijk naar toe ging en hoe die heette.

 

Ik at het brood in plaats van het te strooien; honger

maakt alle wegen eindeloos lang en laat geen tijd voor rust

in de berm, de lucht te zien en daar een vogel thuis.  

Uit: Ted van Lieshout - Multiple Noise

 

Kabouters

Nachten worden nooit meer hetzelfde nu ik niet

langer bang ben dat er in het donker boze kabouters

komen, zonder hakjes onder hun rode slofjes

 

vanwege het onzichtbaar sluipen, om het plafond

met de eenzame lamp naar beneden te trappelen

terwijl ik slaap. Voor straf. Kabouters bestaan niet.

 

tenzij ze bestaan. En onder mijn bed gen monster meer,

maar iemand voor wie ik het raam op een kier heb gelaten.

voor iemand. Voor iemand of voor een wilde hand.

Uit: Ted van Lieshout - Multiple Noise

 

HOME    FILOSOFEN    HERSENKRAKERS   ALS JE MEER WILT WETEN   TESTEN    LEUKE EXTRA'S